NOC*NSF teleurgesteld over nog niet openen van sportkantines

Bron: www.nocnsf.nl

NOC*NSF is teleurgesteld dat de sportkantines van buitensportaccommodaties nog niet open mogen. Premier Mark Rutte liet dinsdag weten dat, als onderdeel van aanpassingen van de maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus, de horeca onder voorwaarden per 1 juni weer deels open mag. Dit geldt echter nog niet voor de sportkantines. Positief is wel dat het Outbreak Management Team (OMT) zich buigt over een mogelijke eerdere openstelling van binnensportaccommodaties, waarvan opening nu nog voorzien is per 1 september. 
Gerard Dielessen, algemeen directeur NOC*NSF: “Het is erg jammer dat de sportkantines niet gewoon met de horecaopenstelling mee kunnen lopen. We zijn er in de sport aan gewend dat wij de voor de horeca geldende regels altijd stipt opvolgen. Dat zouden we nu ook hebben gedaan.””Dit is vooral wrang omdat deze buitensportaccommodaties al wel weer open zijn en volop kosten maken zonder dat daar bijvoorbeeld kantine-inkomsten tegen over staan”,vervolgt Dielessen. “Deelnemers- en publieksbijdragen zijn voorlopig ook nog niet aan de orde. Dat het OMT zich erover buigt of de sportkantines per 1 juli wel weer open mogen geeft perspectief, maar de logica waarom de sport een maand zou moeten wachten ontbreekt .”

Dat het OMT zich erover buigt of de sportkantines per 1 juli open mogen biedt perspectief, maar de logica waarom de sport een maand zou moeten wachten ontbreekt

Gerard Dielessen, algemeen directeur NOC*NSF
Openstelling binnensportaccommodatiesDe aankondiging dat er aan het OMT advies is gevraagd over een eerdere openstelling van de binnensportaccommodaties dan per 1 september, ziet NOC*NSF als een belangrijke stap in de richting van het binnenkort weer veilig gebruik kunnen maken van deze binnenaccommodaties.

Dielessen: “We zien vooral de jeugd van Nederland graag weer snel genieten van sport in de talloze binnensportaccommodaties die Nederland rijk is. Dat houdt hen op de been, maakt ze weerbaar en draagt veel bij aan hun gezondheid en sociale welzijn.”